Quantcast

OSHO Times Emotional Ecology Iets om je Tanden in te Zetten

Iets om je Tanden in te Zetten

Het is slecht als woede naar binnen gaat, want dat betekent dat de structuur van je hele lichaam en geest erdoor vergiftigd wordt. En als je dit langere tijd doet… zoals iedereen gedaan heeft, want de cultuur leert controle, niet transformatie.

De maatschappij zegt , “Houd jezelf onder controle,” en door die controle zijn alle negatieve zaken dieper en dieper in het onderbewuste gegooid, en dan worden ze een constant iets in jou. Dan is het niet meer een zaak dat je soms kwaad bent en soms niet; je bent gewoon kwaad. Soms explodeer je en soms explodeer je niet, omdat er geen excuus is, of omdat je een excuus moet vinden. En denk er aan, je kunt altijd wel ergens een excuus vinden.

Je bent kwaad. Omdat je zoveel woede onderdrukt hebt, zijn er geen momenten dat je niet kwaad bent, hoogstens ben je soms minder kwaad, en soms meer. Je hele wezen is vergiftigd door onderdrukking.

Je eet met kwaadheid… en het heeft een andere kwaliteit als iemand zonder kwaadheid eet: het is mooi om naar te kijken, want hij eet niet gewelddadig. Zelfs als hij vlees eet, eet hij niet gewelddadig; maar als er onderdrukte woede is, eet je gewelddadig, zelfs al eet je alleen groenten en fruit.

Juist door het eten, ontladen je tanden en je mond woede. Je vermaalt het voedsel alsof het je vijand is. En: wanneer dieren kwaad zijn, wat zullen ze doen? Slechts twee dingen zijn mogelijk: ze hebben geen wapens en ze hebben geen atoombommen, wat kunnen ze doen? Of met hun nagels of met hun tanden zullen ze je geweld aandoen.

Dat zijn de natuurlijke wapens van het lichaam: nagels en tanden. Het is heel moeilijk iets met je nagels te doen, omdat de mensen zullen zeggen, “Ben je een dier?” Dus het enige waarmee je gemakkelijk je woede of geweld kunt uitdrukken is de mond… en ook dat kun je niet gebruiken om iemand te bijten. Vandaar de uitdrukkingen, “a bite of bread,” “a bite of food,” “a few bites.”

Je eet op een heftige manier alsof het voedsel de vijand is. En denk eraan, als het voedsel je vijand is, zal het je niet echt voeden, het voedt wat ziek in je is. Mensen met diep onderdrukte woede eten meer; ze blijven onnodig vet in hun lichaam opslaan. En is het je opgevallen, dat dikke mensen bijna altijd lachen? Onnodig, al is er geen enkele reden, dikke mensen blijven glimlachen. Waarom? Dat is hun gezicht, dat is hun masker: ze zijn zo bang van hun woede en hun geweld dat ze constant een glimlach op hun gezicht moeten plakken – en ze gaan door met teveel te eten.

Teveel eten is geweld, woede. En dan zal dit overal naar toe gaan, naar elk aspect van je leven.

In voedsel tot je nemen, wordt je kwaad: kijk naar iemand die eet. Kijk naar een persoon die de liefde bedrijft – de woede gaat zo diep dat zelf de liefde, een activiteit die tegenovergesteld is aan woede, vergiftigd is; zelfs eten, een absoluut neutrale bezigheid, is vergiftigd. Dan doe je gewoon de deur open en er is woede, je legt een boek op tafel en er is woede, je trekt je schoenen uit en er is woede, je geeft iemand een hand en er is woede – want je bent nu de woede in eigen persoon.

Door onderdrukken wordt de geest gespleten. Het deel dat je accepteert wordt het bewuste en het deel dat je afwijst wordt het onbewuste. Deze verdeeldheid is niet natuurlijk, de verdeeldheid ontstaat door het onderdrukken. En je gaat maar door alle troep die de maatschappij afwijst, in het onderbewuste te gooien – maar denk er aan, wat je daar allemaal ingooit, wordt steeds meer deel van jou: het gaat in je handen zitten, in je botten, in je bloed en in je hartslag. De psychologen beweren nu dat tachtig procent van de ziekten worden veroorzaakt door onderdrukte emoties: zoveel hartkwalen betekenen zoveel woede die is onderdrukt in het hart, zoveel haat, dat het hart is vergiftigd.

Waarom? Waarom onderdrukt de mens zoveel en wordt daar ongezond van? Omdat de cultuur je leert te controleren, niet te transformeren, en de weg van transformatie is totaal anders. In de eerste plaats is het helemaal niet de weg van controle, het is juist het tegenovergestelde.

Punt één: door te controleren onderdruk je; in transformatie, uit je. Maar het is niet nodig je te uiten naar iemand anders, want die ‘ander’ is irrelevant. De volgende keer dat je woedend bent, ga zeven keer rond het huis rennen, en ga daarna onder een boom zitten kijken waar de woede is gebleven. Je hebt het niet onderdrukt, je hebt het niet onder controle gehouden, je hebt het niet over iemand heen gegooid – want als je het over iemand heen gooit, ontstaat er een ketting, want die ander is net zo dwaas als jij, net zo onbewust als jij. Als je het over iemand uitstort en die ander is verlicht, dan is er geen probleem; hij zal je helpen het eruit te gooien, het te uiten en door een catharsis te gaan. Maar de ander is net zo onwetend als jij – je gooit je woede over hem heen en hij zal reageren. Hij zal nog meer woede teruggooien, hij is net zo onderdrukt als jij. Zo ontstaat een ketting: jij gooit het naar hem, hij gooit het naar jou, en jullie worden vijanden.

Gooi het niet op iemand anders. Het is net zoiets als wanneer je voelt dat je moet overgeven: je braakt toch ook niet op iemand anders? Kwaadheid heeft braken nodig. Ga naar de badkamer en braak! Het maakt het hele lichaam schoon – als je het braken onderdrukt, kan dat gevaarlijk zijn, en als je gebraakt hebt voel je je fris, je voelt je ontlast, je bent ontladen, goed en gezond. Er was iets verkeerd in het voedsel dat je had genomen en het lichaam wijst het af. Houd het niet binnen.

Woede is zoiets als mentaal braken. Je hebt iets verkeerds ingenomen en je hele psyche wil het er uit gooien, maar het is niet nodig het over iemand anders te gooien. Omdat mensen het over anderen gooien, leert de maatschappij het onder controle te houden.

Het is niet nodig woede naar iemand te uiten. Je kunt naar je badkamer gaan, je kunt een lange wandeling maken – het betekent dat er vanbinnen iets zit dat snelle activiteit nodig heeft waardoor het geuit kan worden. Ga een eindje joggen en je zult voelen dat het weg is, of neem een kussen en sla op het kussen, en bijt het kussen totdat je handen en tanden ontspannen zijn. Binnen vijf minuten van catharsis voel je je ontlast, en als je dit eenmaal weet zul je het nooit meer op iemand anders gooien, omdat dat absoluut dwaas is.

Dus het eerste punt in transformatie is je woede te uiten, maar niet tegen iemand, want als je het uit naar iemand, kun je niet totaal zijn. Misschien wil je doden, maar dat kan niet; misschien wil je bijten, maar dat kan niet. Maar het kan wel met een kussen. Een kussen betekent “reeds verlicht”; het kussen is verlicht, een boeddha. Het kussen zal niet reageren; het kussen zal niet naar het gerechtshof gaan, en het kussen zal niet kwaad op je worden; het kussen zal niets doen. Het kussen zal blij zijn en tegen je lachen.

Het tweede punt dat je moet onthouden: wees bewust. In controle heb je geen bewustzijn nodig, je doet het mechanisch, als een robot. De woede komt en dan is er een mechanisme – plotseling wordt je hele wezen vernauwd en gesloten. Als je goed oplet is de controle misschien niet zo makkelijk.

De maatschappij leert je nooit op te letten, want wanneer iemand oplet, is hij wijd open. Dat hoort bij bewustzijn – men is open, en als je iets wilt onderdrukken, maar je bent open, is het tegenstrijdig; het kan naar buiten komen. De maatschappij leert je hoe je jezelf afsluit, hoe je jezelf inkapselt – je laat zelfs geen klein raampje open om iets naar buiten te laten gaan.

Maar denk er aan: als er niets naar buiten kan, komt er ook niets naar binnen. Wanneer de woede er niet uitkan, ben je gesloten. Als je een mooie rots aanraakt, komt er niets naar binnen; je kijkt naar een mooie bloem, er komt niets binnen. Je kust iemand – niets komt binnen, omdat je gesloten bent. Je leeft een ongevoelig leven.

Gevoeligheid groeit met bewustheid. Door controle wordt je saai en doods – dat hoort bij het mechanisme van controle: als je dof en doods bent zal niets invloed op je hebben, alsof het lichaam een citadel is geworden, een verdediging. Niets kan je beinvloeden, noch belediging, noch liefde.

Maar deze controle gaat ten koste van veel, onnodig veel; dan wordt dat al je inspanning in het leven: hoe jezelf onder controle te houden – en dan sterven! Het hele gebeuren van controle neemt al je energie, en dan ga je dood.

Woede is mooi, seks is mooi. Maar mooie dingen kunnen lelijk worden. Dat hangt van jou af. Als je ze veroordeelt worden ze lelijk, als je ze transformeert worden ze goddelijk.

Geen controle, geen uitbarstingen naar anderen, meer bewustzijn – en dan verschuift het bewustzijn van de buitenkant naar het centrum.

And the Flowers Showered