Quantcast

OSHO Times The Other: Myself VERTROUWEN

VERTROUWEN

Ik heb het zo nodig om te vertrouwen; vooral wil ik u graag kunnen vertrouwen, en daar lijd ik onder, want dat doe ik niet.

Mensen die zichzelf vertrouwen kunnen anderen vertrouwen. Mensen die zichzelf niet vertrouwen kunnen niemand vertrouwen. Vertrouwen ontstaat vanuit zelfvertrouwen. Als je wantrouwig naar jezelf bent, kun je mij niet vertrouwen; kun je niemand vertrouwen. Hoe kun je vertrouwen als je jezelf niet vertrouwt? Het zal jouw vertrouwen moeten zijn. Misschien heb je vertrouwen in mij, maar het is jouw vertrouwen: je vertrouwt mij maar je vertrouwt jezelf niet. Het is dus niet een kwestie van mij, ten diepste is het een zaak van jezelf.

Wie zijn die mensen die zichzelf niet kunnen vertrouwen? Er is ergens iets fout gegaan. In de eerste plaats zijn het mensen dien geen goed zelfbeeld hebben; zij zijn oordelend naar zichzelf. Ze voelen zich altijd schuldig en ze voelen zich altijd slecht. Ze zijn altijd in de verdediging en proberen te bewijzen dat ze niet slecht zijn, maar diep in hun hart voelen ze dat ze slecht zijn. Deze mensen hebben op de een of andere manier een liefdevolle omgeving gemist.

Psychologen zeggen dat de persoon die zichzelf niet kan vertrouwen ergens een diepgeworteld probleem met de moeder heeft. De moeder-kind relatie was ergens niet zoals het zou moeten zijn. Want de moeder is de eerste persoon in de ervaring van het kind; als de moeder het kind vertrouwt, als de moeder van het kind houdt, gaat het kind van de moeder houden en vertrouwt de moeder. Via de moeder wordt het kind zich bewust van de wereld. De moeder is het raam waardoor het kind het bestaan binnenkomt.

Als er een mooie relatie bestaat tussen de moeder en het kind, zal langzamerhand een antwoord, een diepe gevoeligheid, een doorgeven van energie, een bloei ontstaan…. Dan zal het kind ook anderen gaan vertrouwen. Omdat hij weet dat de eerste ervaring zo mooi was, bestaat er geen reden dat de tweede ervaring niet mooi zal zijn. Er is alle reden te geloven dat de wereld goed is.

Als er in je kindertijd een sterk milieu van liefde om je heen is, zul je religieus worden, vertrouwen zal ontstaan. Je zult vertrouwen, vertrouwen zal je natuurlijke eigenschap worden. Meestal zul je niemand wantrouwen, tenzij iemand heel erg probeert wantrouwen in je te creëren; alleen dan zul je wantrouwen. Maar wantrouwen zal uitzonderlijk zijn. Als één man je bedriegt en probeert je vertrouwen stuk te maken, dan zal het vertrouwen in die man weg zijn, maar je zult niet de hele mensheid wantrouwen. Je zult zeggen, “Dit is maar één mens, en er zijn miljoenen mensen. Waarom zou ik ze allemaal wantrouwen om deze ene?”

Maar als het basis vertrouwen ontbreekt en iets tussen jou en je moeder is mis gegaan, dan wordt wantrouwen je basis eigenschap. Dan zul je van nature meestal wantrouwen. Het is niet nodig dat iemand het bewijst. Je wantrouwt de mens, en als dan iemand wil dat je hem vertrouwt, moet hij er hard aan werken, heel hard. En zelfs dan, zul je hem onder voorwaarden vertrouwen. En ook dan zal dat vertrouwen niet erg groot zijn.Het zal heel nauw zijn; het zal gericht zijn naar één persoon. Dat is het probleem.

In vroegere tijden waren de mensen vol vertrouwen. Shraddha, vertrouwen, was een simpele eigenschap. Het was niet nodig het te cultiveren. In feite, als iemand een grote scepticus wilde worden, een twijfelaar, dan was uitgebreide training nodig, een sterke conditie was nodig. Mensen vertrouwden elkaar gewoon, want liefdesrelaties waren heel sterk. In de moderne wereld is liefde verdwenen, en vertrouwen is niets anders dan het hoogtepunt van liefde. Liefde is verdwenen. Kinderen worden geboren in families waarvan de vader en moeder niet van elkaar houden. Kinderen worden geboren; het kan de moeder niet schelen, ze maakt zich niet druk om wat er met hen gebeurd. In feite is ze geïrriteerd want ze storen haar en ze verstoren haar leven. Vrouwen vermijden kinderen, en als het toch gebeurt, lijkt het een ongeluk. En er is een heel negatieve houding. Het kind krijgt die negatieve houding mee; hij is vergiftigd vanaf het begin. Hij kan de moeder niet vertrouwen.

… Een filosofie wordt niet uit het niets geboren. Een filosofie komt vanuit je eigen bestaan, je eigen levenservaring. Als het kind in diepe liefde met de moeder heeft geleefd, en de moeder heeft haar liefde uitgestrooid, dat is het begin van alle vertrouwen voor de toekomst. Dan zal het kind meer liefdevolle relaties met vrouwen hebben, zal meer liefdevolle relaties hebben met vrienden, zal zich op een dag kunnen overgeven aan een meester, en zal zich uiteindelijk helemaal kunnen oplossen in God. Maar als het basis contact mist, mist de hele fundering. Dan kun je wel je best doen, maar het wordt steeds moeilijker. Dat is wat ik voel omtrent de vraagsteller.

“Ik heb het zo nodig om te vertrouwen”… ja, want vertrouwen is voeding. Zonder vertrouwen blijf je hongerig, je lijdt gebrek. Vertrouwen is de meest subtiele voeding van het leven. Als je niet vertrouwt, kun je niet echt leven. Je bent altijd angstig; Je wordt omringd door de dood, niet door het leven. Met diep vertrouwen van binnen verandert het hele uitzicht. Dan ben je thuis en er is geen conflict. Dan ben je geen vreemdeling in de wereld.. Dan ben je geen vreemde, geen buitenstaander. Je hoort bij de wereld, de wereld hoort bij jou. De wereld is gelukkig dat jij er bent; de wereld beschermt je. Het gevoel van een diepe bescherming geeft moed, en geeft je moed om onbekende paden te betreden.

Wanneer de moeder thuis is heeft het kind moed. Heb je het wel eens gezien? Hij kan naar buiten gaan, de weg op, hij kan de tuin ingaan, hij kan duizend en één dingen doen. Als de moeder er niet is, zit hij alleen binnen, hij is bang. Hij kan niet naar buiten gaan; de bescherming is weg, het beschermende aura is er niet. De atmosfeer is totaal vreemd.

Als je in je kindertijd hebt geleefd met een overvloed aan liefde en vertrouwen, zul je een prachtig zelfbeeld over jezelf krijgen. En als je ouders een diepe liefde voor elkaar hadden en ze waren gelukkig met jou als een crescendo van hun liefde, als de actualisatie van hun liefde; als ze veel van elkaar hielden, dan ben jij het lied dat geboren is uit hun liefde. Jij bent het bewijs, het zichtbare bewijs van hun liefde. Jij bent hun creatie: ze zijn blij met jou, ze accepteren jou en ze accepteren hoe je bent. Zelfs als ze je proberen te helpen, proberen ze dat op een liefdevolle manier te doen. Ook als ze soms zeggen, “Doe dat niet,” voel je je niet aangevallen of beledigd. In feite voel je het als bezorgdheid.

Maar als de liefde ontbreekt en de vader en moeder zeggen steeds, “Doe dat niet,” en “Doe dat,” leert het kind langzaamaan dat “Ik wordt niet geaccepteerd zoals ik ben. Als ik bepaalde dingen doe, ben ik lief. Als ik bepaalde dingen niet doe, ben ik niet lief. Als ik andere dingen doe, haten ze me.”

Dus begint hij zich terug te trekken. Zijn zuivere wezen wordt niet geaccepteerd en geliefd. De liefde heeft voorwaarden; het vertrouwen gaat verloren. Dan zal hij nooit meer in staat zijn een goed zelfbeeld te hebben. Omdat het de ogen van de moeder zijn die je voor de eerste keer weerspiegelen, en als je daar blijdschap kunt zien, een geluk, een ontroering, een grote extase als ze naar je kijkt, weet je dat je waardevol bent, dat je intrinsieke waarde hebt. Dan is het heel gemakkelijk om te vertrouwen, heel gemakkelijk om je over te geven, want je bent niet bang. Maar als je weet dat je fout bent, ben je altijd bezig te bewijzen dat je goed bent.

Mensen beginnen te argumenteren. Alle mensen die argumenteren zijn in de grond mensen die geen goed zelfbeeld hebben. Ze zijn in de verdediging en heel snel geraakt. Als er een argumenterende persoon is, en je zegt tegen hem, “ Dat heb je verkeerd gedaan,” zal hij meteen boven op je springen en erg kwaad worden. Hij kan niet eens een klein beetje vriendelijke kritiek verdragen . Maar als hij een goed beeld over zichzelf heeft, is hij open om te luisteren, open om te leren, is hij bereid om de mening van anderen te respecteren. Misschien heeft men gelijk, en zelfs als zij gelijk hebben en hij heeft het mis, is hij niet bezorgd, want het maakt niet uit. Hij blijft goed in zijn eigen ogen.

Mensen zijn licht geraakt. Zij wensen geen kritiek, ze willen niet dat mensen hen zeggen wat ze moeten doen; ze willen niet dat iemand tegen ze zegt wat ze niet moeten doen. En deze mensen denken dat ze zich niet kunnen overgeven omdat ze heel machtig zijn. Ze zijn gewoon ziek, neurotisch. Alleen een krachtige man of vrouw kan zich overgeven – zwakkelingen nooit. Want in overgave denken ze dat hun zwakheid aan de hele wereld bekend zal worden.

Ze weten dat ze zwak zijn, ze kennen hun minderwaardigheidscomplex, dus kunnen ze niet voor iemand neerbuigen. Het is moeilijk voor hen, want neerbuigen betekent accepteren dat ze minderwaardig zijn. Alleen een superieure persoon kan buigen; inferieure mensen kunnen nooit buigen. Ze kunnen niemand respecteren, omdat ze zichzelf niet kunnen respecteren. Ze weten niet wat respect is en ze zijn altijd bang voor overgave, want overgave betekent zwakheid voor hen.

Als je het dus moeilijk vindt om te vertrouwen, moet je teruggaan. Je moet diep graven in je herinneringen. Je moet naar je verleden gaan. Je moet je geest reinigen van de indrukken van het verleden. Je moet wel een grote hoop rommel hebben van je verleden; ontlast je ervan. Dit is de sleutel hoe je het moet doen: als je terug kunt gaan niet alleen als herinnering, maar als een opnieuw beleven.

Maak het tot een meditatie. Elke dag, in de avond, ga je een uur lang terug. Probeer alles uit te vinden wat er is gebeurd in je kindertijd. Hoe verder je terug kunt gaan, hoe beter – want we verbergen veel dingen die gebeurd zijn, maar we laten niet toe dat ze opborrelen in ons bewustzijn. Probeer toe te laten dat ze boven komen. Als je dit elke dag doet, kun je steeds verder teruggaan. Eerst zul je je iets herinneren van toen je vier of vijf jaar oud was, en je kunt niet verder teruggaan. Plotseling is er een Chinese muur. Maar ga. Langzamerhand zul je zien dat je dieper gaat: toen je drie was, toen je twee was.

Er zijn mensen die terug konden gaan tot het moment dat ze geboren werden. Er zijn mensen die terug konden gaan naar herinneringen van de baarmoeder, en er zijn mensen die nog verder terug konden gaan, toen ze stierven in het vorige leven.

Maar als je het punt kunt bereiken waar je werd geboren, en je kunt dat moment opnieuw beleven, zul je in grote pijn en doodstrijd zijn. Je zult bijna voelen dat je weer geboren wordt. Je gaat misschien schreeuwen, zoals het kind voor het eerst schreeuwde. Je zult het gevoel hebben dat je stikt, zoals het kind voelde toen hij uit de baarmoeder kwam – want een paar seconden lang kon hij niet ademen. Er was een enorm gevoel van stikken; maar dan schreeuwde hij en de adem kwam, en de luchtwegen werden open, zijn longen begonnen te werken. Het kan zijn dat je naar dat punt terug moet gaan.

Vandaar kom je terug. Ga weer en kom terug, elke avond. Het zal minstens drie tot negen maanden duren, maar elke dag zul je je meer verlicht voelen, meer en meer ontlast en tegelijk zal er daarnaast vertrouwen ontstaan. Als het verleden eenmaal duidelijk is en je ziet alles dat er gebeurd is, ben je er vrij van. Dit is de sleutel. Als je je bewust wordt van iets in je geheugen, wordt je er van bevrijd. Bewustzijn maakt vrij, onbewustheid veroorzaakt gebondenheid. Dan zal vertrouwen mogelijk zijn.

Psychologen zijn hierop gestuit – dat liefde voeding is. Als iemand twintig jaar geleden had gezegd dat liefde subtiele vitaliteit is, zouden wetenschappers hebben gelachen. Ze zouden gedacht hebben, “Jij bent een dichter, je leeft in illusies en dromen. Liefde is voeding? – allemaal onzin.” Maar nu zeggen de wetenschappelijke onderzoekers, “Liefde IS voeding.” Wanneer een kind voedsel krijgt, dat zijn lichaam verzorgd, maar als er geen liefde gegeven wordt, krijgt zijn ziel geen voeding. Zijn ziel blijft onvolwassen. Nu zijn er methoden om te meten of een kind liefde heeft ontvangen of niet, of de warmte die het nodig heeft, is gegeven of niet. Je kunt een kind alle zorg geven, die het nodig heeft, alle medische zorg die het nodig heeft, in een ziekenhuis. Verwijder de moeder, geef het melk, medicijn, zorg, alles, maar omhels het niet, kus het niet en raak het niet aan.

Er zijn veel experimenten gedaan. Langzaam maar zeker zal het kind zich in zichzelf terugtrekken. Het wordt ziek en in de meeste gevallen sterft het, zonder enige zichtbare reden. Als het overleeft, overleeft hij minimaal: het wordt achterlijk, een idioot. Hij zal wel leven, maar op het randje. Hij zal nooit echt leven; hij heeft geen energie. Door het kind te omhelzen, door het kind je lichaamswarmte te geven, dat is voeding, hele subtiele voeding. Dat wordt nu het langzamerhand erkend.

Ik wil jullie een voorspelling doen: over twintig of dertig jaar, zullen psychologen bekend maken dat vertrouwen een nog grotere voedingswaarde heeft, van een grotere potentie is dan liefde…. Net als gebed. Vertrouwen is als gebed, maar heel subtiel. Je kunt het voelen. Als je vertrouwen hebt, zul je plotseling zien dat je met mij op een groot avontuur gaat en je leven begint meteen te veranderen. Als je geen vertrouwen hebt zul je daar blijven staan. Ik ga door met praten, ik blijf aan je trekken; maar je zit vast – op de een of andere manier blijf je me mislopen. Laat je vertrouwen komen. Dat vertrouwen zal een brug vormen tussen jou en mij. Dan worden gewone woorden vol van licht, dan wordt mijn aanwezigheid als een baarmoeder en kun je opnieuw geboren worden.

Er zijn mensen die vertrouwen omdat ze bang zijn, omdat ze iemand verlangen om aan te hangen, om zich aan vast te klampen, ze zijn bang en willen iemands hand vasthouden, ze kijken naar de hemel en bidden God om niet bang te zijn. Heb je het wel eens gezien? Er komt iets voorbij in een donkere straat in de nacht, en je begint te zingen – niet dat het zal helpen. Maar het helpt in zekere zin. Als je zingt wordt je warmer. Door het zingen wordt je beziggehouden; de angst wordt onderdrukt. Door te fluiten voel je je goed. Je vergeet dat het donker is en gevaarlijk, maar het maakt in werkelijkheid geen verschil. Als er angst en gevaar is, is het er nog. In feite nog erger, want een persoon die bezig is met zingen, kan gemakkelijker beroofd worden, omdat hij minder goed oplet. Hij zal minder oplettend zijn terwijl hij zingt. Hij creëert een illusie om zich heen door het zingen. Als je vertrouwen ontstaat vanuit angst, kun je beter geen vertrouwen hebben. Het is vals. Ik heb eens gehoord….

Mulla Nashruddin klom in de stoel van de kapper terwijl hij vroeg, “Waar is de kapper die gewoonlijk werkte bij de volgende stoel?”

“Oh, dat is een droevige zaak,” zei de kapper. “Hij werd zo nerveus en wanhopig over de slecht lopende zaak, dat hij op een dag helemaal gek werd en in de keel van een klant sneed, toen die zei dat hij geen massage wilde. Hij is nu in een zwakzinnigen ziekenhuis. Trouwens, wilt u een massage, meneer?”

“Absuluut! zei Mulla Nashruddin Vanuit angst kun je zeggen ‘absoluut’, maar dat hoeft geen vertrouwen te zijn. Vertrouwen wordt geboren uit liefde, en als je merkt dat je niet kunt vertrouwen, moet je er hard aan werken. Je hebt een beladen verleden, lelijk belast. Je moet het schoonmaken, ophelderen.

Osho, The Beloved